Het Doel Heiligt de Middelen

De kunstenaars uit het verleden die we nog kennen en waarderen waren in principe allen vernieuwers, want ze hoorden of zagen iets wat niemand ooit nog gehoord of gezien had, en werden daardoor geinspireerd. Dat het moeilijk is om nu nog een Mozart-werk er bij te schrijven, is vooral omdat wat toen nieuw was het nu niet meer is, en we nu niet meer diezelfde ‘kick’ kunnen krijgen die zij toen beleefden. De meesten echter in die tijd, de bescheiden talenten, oefenden hun vak uit zoals bakkers dat doen en andere ambachtsmensen, zij hanteerden een toegankelijke stijl en voerden hun werken met succes uit in familiekring.

Matige talenten willen tegenwoordig vaak op de eerste plaats vernieuwend zijn, en veel problemen zijn ontstaan doordat de bewijsvoering is omgekeerd: wie vernieuwend schrijft is ook geniaal, wat men wel het van-Gogh-syndroom noemt. Het heeft in de 20e eeuw geleid tot veel geëxerimenteer, waar het publiek onnodig mee lastig gevallen werd, hetgeen in niet geringe mate mogelijk werd doordat royale rijkstoelagen ter beschikking stonden. Toch is dat niet echt het wrijfpunt. Aan iedere ontwikkeling moet door ons allen mee worden betaald. En dat we de genezing van allerlei gruwelijke kwalen te danken hebben aan decennia experimenterende wetenschappers, wier leven wellicht voorbij ging zonder er zelf enige erkenning voor te hebben gekregen, is evident. Maar wíj hoeven dat proces niet mee te maken, en geëxperimenteerd wordt bij voorkeur met ratten, want mensen vinden dat niet leuk. We willen die bal gehakt graag eten zonder die varkens te zien uitmoorden, als die vergelijking al ergens op slaat.

Iedere kunstenaar moet experimenteren en daarmee ook  nog in zijn onderhoud kunnen voorzien. Maar de idee dat we daar allemaal bij willen zijn is een illusie die zich tegen hem kant. De consument is alleen geinteresserd in een overtuigend resultaat, en wil daar dan echt wel een kaartje voor kopen dat evenveel kost als een gezellig dinertje, naast datgene wat hij via belastinggeld best over heeft voor allerlei onderzoekswerk. Maar dat geld moet gaan naar sessies waar komponisten bij elkaar gaan zitten om hun nieuwe werk te spelen en te bestuderen, nieuwsgierig naar ieders ontdekkingen. Als er wat goeds tussen zit vindt dat zijn weg wel. Bach maakte een wekenlange voettocht naar Buxtehude en reisde in gammele koetsen langs bibliotheken om Vivaldi’s werken te analyseren. Wíj hoeven die barre tochten niet mee te maken, maar profiteren wel van het resultaat.